Misschien ben je meer leider dan je denkt
- 8 jun
- 3 minuten om te lezen

"Ik hoef geen leiding te geven hoor, liever niet." Het is een zin die ik regelmatig hoor, vaak al in de eerste tien minuten van een gesprek. Ook als de talentenscan laat zien dat het er van nature wél inzit.
Wanneer ik vervolgens vraag waarom iemand liever geen leiding geeft, krijg ik meestal hetzelfde beeld geschetst: leidinggevenden zijn mensen die graag op de voorgrond staan. Die veel praten en weinig luisteren; en vooral: niet altijd even aardig – of zelfs eerlijk - zijn.
"Zo ben ik helemaal niet." Nee, denk ik dan. Dat klopt. Sterker nog, ik denk zelfs dat de leidinggevenden die op die manier geschetst worden, geen natuurlijk leiders zijn.
Wanneer mensen niet vanuit hun natuur leidinggeven maar vanuit onzekerheid of druk, schieten ze gemakkelijk in hun schaduwgedrag. Dan ontstaat micromanagement; communicatie verslechtert en verbinding verdwijnt.
Wat jammer dat juist dát voor zoveel mensen het beeld van leiderschap is geworden.
Het leiderschap dat ze zelf niet herkennen
Het bijzondere is dat veel vrouwen die dit zeggen, wel degelijk leiderschapskwaliteiten laten zien. Niet altijd in een formele rol, maar wel in de dagelijkse gang van zaken en in de manier waarop ze met mensen omgaan.
Ze zijn degenen aan wie collega's advies vragen. Degenen die overzicht houden in de drukte, nieuwe medewerkers op weg helpen en aanvoelen wat er nodig is om een team soepel te laten samenwerken.
Ze verbinden mensen, zien wat er speelt en nemen verantwoordelijkheid wanneer dat nodig is. Alleen noemen ze dat zelf geen leiderschap.
Onderweg afgedreven
Wanneer we verder praten, komt er vaak een ander verhaal naar boven. Over een eerdere baan, een project dat ze trokken of een team dat ze aanstuurden. Een periode waarin ze veel meer ruimte hadden om hun natuurlijke talenten in te zetten. En dan zie je het besef langzaam ontstaan.
Ooit namen ze initiatief, brachten ze mensen in beweging en hadden ze zichtbaar invloed op de richting van het werk. Maar gaandeweg zijn ze terechtgekomen in functies waarin vooral andere kwaliteiten werden gevraagd.
Nu zijn ze vooral bezig met werkzaamheden die toevallig op hun pad zijn gekomen: administratie, ondersteuning, marketing of planning. Taken die ze prima uitvoeren, maar die steeds minder raken aan waar ze van nature goed in zijn.
Langzaam zijn ze afgedreven van hun eigen kracht. Het werk kost ze steeds meer energie, ondanks dat ze het qua niveau prima aankunnen.
Dan ontstaat onzekerheid
Omdat hun talenten zo lang ongebruikt zijn gebleven, zijn ze vergeten hoeveel invloed ze van nature hebben en hoe gemakkelijk het ze ooit afging. En hoe ze het naar hun zin hadden in die rol!
Wat je niet meer gebruikt, ga je uiteindelijk in twijfel trekken. “Misschien was ik er nooit echt goed in.”
Totdat ze zichzelf weer terugzien
Eén van de mooiste momenten in mijn werk is wanneer iemand zichzelf weer begint te herkennen. Wanneer alle talenten zichtbaar op tafel liggen en eerdere ervaringen ineens op hun plek vallen. Wanneer duidelijk wordt dat het leiderschap er nog steeds is, alleen in een andere vorm dan ze altijd hebben gedacht.
Niet luid of dominant, niet per se op de voorgrond. Maar wel krachtig, inspirerend en verbindend. Ik zie ogen die gaan glanzen, enthousiasme dat terugkomt en ineens zijn er veel meer mogelijkheden.
Ben jij jezelf ook kwijtgeraakt onderweg?
Voel jij dit ook, dat je jezelf misschien al jaren onnodig klein houdt? De kans is groot dat je al die tijd kwaliteiten hebt ingezet die nodig waren, maar niet de talenten die van nature bij je horen.
Misschien is het tijd om opnieuw te ontdekken wat er van nature in jou aanwezig is. Want wanneer jij je ontwikkeld hebt, is je werk dan eigenlijk wel met je meegegroeid?





Opmerkingen